Verkiezingen in 1918

Home / bronnen / Verkiezingen in 1918    |    Terug

Mannen stemmen

Op 3 juli 1918 zijn de eerste landelijke verkiezingen sinds de grondwetswijziging van het jaar ervoor. Dankzij die herziening mogen alle mannen boven de 25 jaar stemmen en is het electoraat een half miljoen groter dan bij eerdere verkiezingen. In totaal zijn er ruim 1,5 miljoen stemgerechtigden.

Vrouwen worden gekozen

Vrouwen zijn nog uitgesloten van stemrecht, maar kunnen zich wel verkiesbaar stellen. Een aantal doet dat ook: onder de 461 kandidaten zijn 23 vrouwen. Een van hen is de Rotterdamse onderwijzeres Suze Groeneweg, die voor de sociaaldemocratische SDAP meedingt naar een Kamerzetel.

Nieuw kiesstelsel

Een andere nieuwigheid tijdens deze verkiezingen is het stelsel van evenredige vertegenwoordiging. Dat betekent dat alle uitgebrachte stemmen voortaan meewegen bij de zetelverdeling in de Kamer. Voorheen kende Nederland een meerderheidsstelsel, zoals dat nu nog bestaat in de VS en Groot-Brittannië. Onder zo’n stelsel kunnen alleen de winnaars van een kiesdistrict in het parlement komen. Stemmen die op verliezers zijn uitgebracht, tellen niet mee.

Grote vellen vanwege veel nieuwe partijen

Door alle nieuwe spelregels is het bij de verkiezingen van 1918 wel even wennen. In een enkele gemeente blijken bij de generale repetitie de stembussen te klein. Ook zijn er zorgen of de kiezers wel wijs kunnen uit het enorme stembiljet, waarop maar liefst 32 partijen vermeld staan.

Tellen nachtwerk in Rotterdam

De verkiezingsdag zelf verloopt zonder al te grote problemen. Het tellen van de stemmen valt wél tegen. Waren ze vroeger in de loop van avond allemaal geteld, nu is het in veel plaatsen nachtwerk.  In Rotterdam verschijnt de lokale uitslag zelfs pas de volgende ochtend op de borden bij het Beursplein. De SDAP is hier, met bijna de helft van alle uitgebrachte stemmen, de grote overwinnaar. 

Landelijk trekken de confessionele partijen aan het langste eind, zodat Nederland in jonkheer Charles Ruijs de Beerenbrouck voor het eerst een katholieke premier krijgt. Suze Groeneweg bemachtigt als eerste vrouw een zetel in de Kamer. In 1919 stemt het parlement in met actief kiesrecht voor vrouwen. Drie jaar later mogen ook zij daadwerkelijk naar de stembus.

 

Wat zijn de overeenkomsten en de verschillen met de verkiezingen van 2021?

Maker: C. Vreedenburgh
Datering: 1918-07-03
Collectie: Collectie C. Vreedenburgh
Nummer: 4150_2007-2555-03
Link: https://hdl.handle.net/21.12133/8C41A88FBA54452B9EE6851EA815C0C0
  Onderdeel van thema's

Geschiedenislokaal010

Verkiezingen in 1918

Tijdvak: Tijd van de wereldoorlogen (1900 - 1950)


Omschrijving

Mannen stemmen

Op 3 juli 1918 zijn de eerste landelijke verkiezingen sinds de grondwetswijziging van het jaar ervoor. Dankzij die herziening mogen alle mannen boven de 25 jaar stemmen en is het electoraat een half miljoen groter dan bij eerdere verkiezingen. In totaal zijn er ruim 1,5 miljoen stemgerechtigden.

Vrouwen worden gekozen

Vrouwen zijn nog uitgesloten van stemrecht, maar kunnen zich wel verkiesbaar stellen. Een aantal doet dat ook: onder de 461 kandidaten zijn 23 vrouwen. Een van hen is de Rotterdamse onderwijzeres Suze Groeneweg, die voor de sociaaldemocratische SDAP meedingt naar een Kamerzetel.

Nieuw kiesstelsel

Een andere nieuwigheid tijdens deze verkiezingen is het stelsel van evenredige vertegenwoordiging. Dat betekent dat alle uitgebrachte stemmen voortaan meewegen bij de zetelverdeling in de Kamer. Voorheen kende Nederland een meerderheidsstelsel, zoals dat nu nog bestaat in de VS en Groot-Brittannië. Onder zo’n stelsel kunnen alleen de winnaars van een kiesdistrict in het parlement komen. Stemmen die op verliezers zijn uitgebracht, tellen niet mee.

Grote vellen vanwege veel nieuwe partijen

Door alle nieuwe spelregels is het bij de verkiezingen van 1918 wel even wennen. In een enkele gemeente blijken bij de generale repetitie de stembussen te klein. Ook zijn er zorgen of de kiezers wel wijs kunnen uit het enorme stembiljet, waarop maar liefst 32 partijen vermeld staan.

Tellen nachtwerk in Rotterdam

De verkiezingsdag zelf verloopt zonder al te grote problemen. Het tellen van de stemmen valt wél tegen. Waren ze vroeger in de loop van avond allemaal geteld, nu is het in veel plaatsen nachtwerk.  In Rotterdam verschijnt de lokale uitslag zelfs pas de volgende ochtend op de borden bij het Beursplein. De SDAP is hier, met bijna de helft van alle uitgebrachte stemmen, de grote overwinnaar. 

Landelijk trekken de confessionele partijen aan het langste eind, zodat Nederland in jonkheer Charles Ruijs de Beerenbrouck voor het eerst een katholieke premier krijgt. Suze Groeneweg bemachtigt als eerste vrouw een zetel in de Kamer. In 1919 stemt het parlement in met actief kiesrecht voor vrouwen. Drie jaar later mogen ook zij daadwerkelijk naar de stembus.

 

Wat zijn de overeenkomsten en de verschillen met de verkiezingen van 2021?

Maker: C. Vreedenburgh
Datering: 1918-07-03
Collectie: Collectie C. Vreedenburgh
Nummer: 4150_2007-2555-03
Link: https://hdl.handle.net/21.12133/8C41A88FBA54452B9EE6851EA815C0C0

Trefwoorden

burgerschap
emancipatiebeweging
grondrechten
grondwet
politiek
vrouwenkiesrecht

Nuttige websites

Stadsarchief Rotterdam: https://hdl.handle.net/21.12133/6D26D4498F3341C984C4B45A75CAFCEC
De Tijd: godsdienstig-staatkundig dagblad: 04-07-1918: https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010384131:mpeg21:p002
De Tijd: godsdienstig-staatkundig dagblad: 05-07-1918: https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010384132:mpeg21:a0087
Rijnmond.nl: 19-03-2021: https://rtvr.nl/SOfu