De familie Vieyra: Een Joods gezin op drift

Home / bronnen / De familie Vieyra: Een Joods gezin op drift    |    Terug

Een jong Joods gezin

Dora van Veen en Max Vieyra zijn een jong joods stel, wonende aan de Rozenburglaan in Kralingen. In 1934 trouwen ze en krijgen ze hun eerste kind Jacky in 1936 en 2 jaar erna hun dochter Betty. Betty herinnert zich haar vroege jeugd als een gelukkige tijd. Er was altijd veel bezoek van familie en vrienden en er werd goed gegeten en veel gelachen.

Het gezin uiteen gedreven

Met de ontwikkelingen van de Tweede Wereldoorlog verandert het gelukkige bestaan van het jonge gezin plotseling. Door de jodenvervolging wordt het gezin uiteen gedreven door onder te duiken. Één persoon is nu eenmaal makkelijker onder te brengen dan een heel gezin. Moeder Dora en broertje Jacky duiken onder in IJsselstein. Vader kan in Zwijndrecht terecht en Betty zelf wordt ondergebracht bij de familie Temmink in Den Haag.

"Jullie moeten weg!"

Betty herinnert zich nog scherp de laatste keer dat ze haar moeder zag: “Jullie moeten weg!” is alles wat haar moeder kan uitbrengen. Ik begin meteen mee te huilen, maar mijn wijze, oudere broertje roept: ”Stom kind, je maakt het zo alleen nog maar erger, dus hou op met dat gehuil!”. Betty ziet haar broertje en moeder nooit meer.

Kantje boord voor dochter Betty

Als jong kind begrijpt Betty niks van de hele oorlogssituatie. Op haar onderduikadres bij de familie Temmink moet ze op een dag snel naar de zolder, door een luik, trapje af, luik dicht, zwaar tapijt erover. Duitse militairen komen huiszoeking doen. Betty ligt daar “gezellig” op een stapel dekens, samen met een jonge student, die daar ook ondergedoken zit. Betty, niets vermoedend, vindt het dolletjes en kietelt de student. Hij houdt zijn hand over haar mond. Op een gegeven moment horen ze zwaar gebonk boven hun hoofd. De militairen ontdekken hen gelukkig niet en gaan weer weg. Als het gevaar is verdwenen zegt mevrouw Temmink: “Mijn hart klopte in mijn  keel van angst!” Betty denkt: “Aha! Dat heb ik dus gehoord.”

Over de oorlog wordt niet gepraat

Kort voor het einde van de oorlog wordt Betty weer herenigd met haar vader Max. Moeder Dora en broertje Jacky zijn verraden, opgepakt en overleven de oorlog niet. Vader hertrouwt en over de oorlog wordt niet meer gepraat. Iets wat men vaker ziet bij overlevenden van de oorlog. Men moet door met het leven.

Maker: Betty Vos
Collectie: Persoonlijke foto collectie Betty Vos
  Onderdeel van thema's

Geschiedenislokaal010

De familie Vieyra: Een Joods gezin op drift

Tijdvak: Tijd van de wereldoorlogen (1900 - 1950)


Omschrijving

Een jong Joods gezin

Dora van Veen en Max Vieyra zijn een jong joods stel, wonende aan de Rozenburglaan in Kralingen. In 1934 trouwen ze en krijgen ze hun eerste kind Jacky in 1936 en 2 jaar erna hun dochter Betty. Betty herinnert zich haar vroege jeugd als een gelukkige tijd. Er was altijd veel bezoek van familie en vrienden en er werd goed gegeten en veel gelachen.

Het gezin uiteen gedreven

Met de ontwikkelingen van de Tweede Wereldoorlog verandert het gelukkige bestaan van het jonge gezin plotseling. Door de jodenvervolging wordt het gezin uiteen gedreven door onder te duiken. Één persoon is nu eenmaal makkelijker onder te brengen dan een heel gezin. Moeder Dora en broertje Jacky duiken onder in IJsselstein. Vader kan in Zwijndrecht terecht en Betty zelf wordt ondergebracht bij de familie Temmink in Den Haag.

"Jullie moeten weg!"

Betty herinnert zich nog scherp de laatste keer dat ze haar moeder zag: “Jullie moeten weg!” is alles wat haar moeder kan uitbrengen. Ik begin meteen mee te huilen, maar mijn wijze, oudere broertje roept: ”Stom kind, je maakt het zo alleen nog maar erger, dus hou op met dat gehuil!”. Betty ziet haar broertje en moeder nooit meer.

Kantje boord voor dochter Betty

Als jong kind begrijpt Betty niks van de hele oorlogssituatie. Op haar onderduikadres bij de familie Temmink moet ze op een dag snel naar de zolder, door een luik, trapje af, luik dicht, zwaar tapijt erover. Duitse militairen komen huiszoeking doen. Betty ligt daar “gezellig” op een stapel dekens, samen met een jonge student, die daar ook ondergedoken zit. Betty, niets vermoedend, vindt het dolletjes en kietelt de student. Hij houdt zijn hand over haar mond. Op een gegeven moment horen ze zwaar gebonk boven hun hoofd. De militairen ontdekken hen gelukkig niet en gaan weer weg. Als het gevaar is verdwenen zegt mevrouw Temmink: “Mijn hart klopte in mijn  keel van angst!” Betty denkt: “Aha! Dat heb ik dus gehoord.”

Over de oorlog wordt niet gepraat

Kort voor het einde van de oorlog wordt Betty weer herenigd met haar vader Max. Moeder Dora en broertje Jacky zijn verraden, opgepakt en overleven de oorlog niet. Vader hertrouwt en over de oorlog wordt niet meer gepraat. Iets wat men vaker ziet bij overlevenden van de oorlog. Men moet door met het leven.

Maker: Betty Vos
Collectie: Persoonlijke foto collectie Betty Vos

Trefwoorden

antisemitisme
bezetting
dagelijks leven
discriminatie
jodendom
jodenvervolging
nationaalsocialisme
nazi
onderduiken
Tweede Wereldoorlog

Nuttige websites

Het vrije volk: democratisch-socialistisch dagblad: 14-06-1945: https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010954663:mpeg21:a0032